
Na bijna anderhalve eeuw afwezigheid keerde de wolf in 2015 terug in Nederland. Sindsdien is het aantal exemplaren langzaam toegenomen en hebben zich verschillende roedels gevestigd, vooral op de Veluwe. Een natuurhistorisch hoogtepunt dat niet bij iedereen onverdeeld enthousiasme oproept.
Een lange afwezigheid
De laatste wolf in Nederland werd in 1869 in Heeze geschoten. Vervolging en habitatverlies maakten het dier letterlijk uitgeroeid in West-Europa. Pas in de jaren negentig begon de wolf vanuit Polen en Duitsland weer westwaarts op te schuiven.
Huidige situatie
Nederland telt inmiddels meerdere gevestigde wolvenroedels. De Veluwe is de belangrijkste vestigingsplek dankzij de uitgestrekte bossen en het grote aanbod aan reeën en wilde zwijnen. Ook in Drenthe en Brabant zijn wolven gesignaleerd.
Belang voor het ecosysteem
Als toppredator speelt de wolf een sleutelrol. Hij houdt populaties van grote grazers in balans, wat indirect ten goede komt aan vegetatie en biodiversiteit. In gebieden waar wolven leven, verspreiden reeën en herten zich beter, met positieve gevolgen voor de begroeiing.
Conflict met veehouders
De terugkeer van de wolf brengt ook uitdagingen mee. Schapen en geiten lopen risico, en boeren moeten investeren in afrasteringen en kuddebeschermingshonden. De overheid biedt subsidies om schade te beperken, maar de discussie over beheer blijft levendig.
Leren leven met de wolf
Ervaringen uit Duitsland en Frankrijk laten zien dat coëxistentie mogelijk is. Goede preventie, eerlijke compensatie en heldere voorlichting zijn essentieel. De wolf is gekomen om te blijven, en het is aan ons om hier op een verstandige manier mee om te gaan.